Ga naar de inhoud
NL EN menu

Anneke Brassinga

Anneke Brassinga - foto Serge Ligtenberg
Anneke Brassinga - foto Serge Ligtenberg

(Schaarsbergen, 1948) volgde de opleiding tot literair vertaler aan het Instituut voor Vertaalkunde van de Universiteit van Amsterdam. In 1974 publiceerde ze haar eerste proza en poëzie onder het pseudoniem A. Tuinman in De Revisor. Ze debuteerde als dichteres in 1987 met de bundel Aurora en als romanschrijfster in 1993 met Hartsvanger. Ze verwierf bovendien bekendheid met haar vertalingen van werken van onder meer Vladimir Nabokov, Oscar Wilde, Sylvia Plath, Jules Verne en W.H. Auden. Haar thema's zijn de natuur en de liefde, maar ook de taal. Om haar rijke woordenschat wordt zij vaak geroemd, evenals om haar taalvaardigheid. In haar gedichten deelt Anneke Brassinga intieme speldenprikken uit. De Nijhoff-prijs 1978 voor haar vertaling van Nabokovs The Gift weigerde Anneke Brassinga in ontvangst te nemen. Ze nam later wel andere prijzen aan zoals de Herman Gorterprijs, de Paul Snoekprijs en de VSB poëzieprijs. Haar poëzie is van meet af aan gunstig onthaald door de meeste critici.

Archief beschikbaar voor: Anneke Brassinga

  • Winternachten 2007 – WINTERNACHT 1

    De laatste reis

    Het gebeurt elk jaar wel een paar keer in ons land: een begrafenis waar helemaal niemand op af komt. Nabestaanden zijn er niet of hebben geen interesse in de dode. De kist gaat de grond in onder het toeziend oog van een ambtenaar van de Sociale Dienst. Dat kon zo niet langer, vonden enkele dichters. Nu zorgen ze voor een gedicht bij deze eenzame uitvaarten. Frank Starik, Neeltje Maria Min en Anneke Brassinga over wat poëzie vermag.

    Het kind

    Er is een moeder in ons leven, zij is
    de grond en weet waarom wij zijn geboren,
    zij gaat ons overal vooruit, waar zelf
    wij nog niet lopen konden - ook
    op onbetreden aarde onderwerelds
    al was zij daar te rusten neergelegd,
    al werd zij honderd en bijkans ons kind.

    jij gaat haar na alsof ze heeft geroepen:
    Klara, dochter, kom je wordt gemist.
    Was er geen mens of dier om mee te spreken?
    De staande klok sloeg elk kwartier, cla-
    wetterend refrein van stilte. Twaalf weken
    ben je wees geweest - twaalf eeuwen?
    Rust nu in vrede, wees voorgoed herenigd.

    [Anneke Brassinga]